Graaf Adolf Van der Marck uit Kleef organiseerde op 11 november 1381 een samenkomst van 36 edelen. 

Deze Graaf koos 10 raadsleden en zo ontstond er een eerste raad. Omdat men tijdens de periode voor vasten de winter voorraden opgemaakt werden bedacht men een zot die dit opmaken moest gaan leiden. Samen waren ze dus met 11. Veelal was die zot een gevangene die na het feestje een kopje kleiner gemaakt werd. Dit laatste is de reden waarom Prinsen in verenigingen ludiek afgevoerd worden.

De 11 is verder niet zomaar een getal:

De 11de van de 11de was op de kerkelijke kalender om drie redenen een belangrijke datum: 

  1. Als feestdag vanwege St. Maarten, 
  2. Als dag voor het begin van de Driekoningenvasten als “Kleine vastenavond”. 
  3. Als dag waarop vroeger steevast de huur en de rechtszaken afgehandeld konden worden. 
  4. En het meest waarschijnlijke als de elfde van de elfde maand de datum, omdat hij exact 40 dagen voor Kerstmis valt. 

Het getal 11 heeft verder bijzondere betekenissen:

We noemen 11 het gekkengetal, omdat het alleen te delen is door zichzelf en omdat 11 staat tussen 10 het volmaakte getal en 12 het heilige getal. Dat getal 12 wordt vaak gezien als het volmaakte getal. 11 Is dus net niet volmaakt. Best gek dus.

De 11 komt na de 10. Dat wordt verklaard omdat het woordje elf uit het oergermaans komt “ainalibi” of wel één over de tien. Logisch toch? 

11 bestaat ook uit twee enen naast elkaar. De één staat voor ééndracht en dat brengt ons weer tot samen.

11 Is het getal van Carnaval geworden. Carnaval begint op de 11de van de 11de en vele carnavalsverenigingen benoemen om die tijd de nieuwe Raad van 11 met de aanvoerende zot of Prins(es) en deze kondigt dan ook zijn nieuwe grondwet af in de vorm van een proclamatie met 11 artikelen.

Verder zitten er 11 mensen in de 'Raad van elf' en elke 11 jaar wordt er een jubileum gevierd. 

En zo zou de groet Alaaf “alles aan de kant” betekenen of “doe eens gek”. Vrij vertaald dus 11.